Selectie en Afstoting

Uit Collectiewijzer

Ga naar: navigatie, zoeken

Wat is afstoten?

Als een museum een object in eigendom overdraagt aan een andere rechtspersoon, een object vernietigt of verwijdert, noemt men dit 'afstoten'. Het object wordt definitief opgeruimd en er is op geen enkele manier meer zorg van het museum voor nodig.

Afstoten is een zorgvuldig proces. Het Instituut Collectie Nederland (ICN) heeft een Leidraad voor het afstoten van museale objecten (Lamo) opgesteld. De basis daarvoor was de Ethische code van de Nederlandse Museumvereniging. Door overname van de Lamo door de NMV is het de standaardprocedure voor afstoting geworden.

Wanneer een object afgestoten wordt, zal het museum onderzoek moeten doen naar een andere mogelijke bestemming: herplaatsen. Om dit onderzoek te ondersteunen is de herplaatsingsdatabase ontworpen. Daarin kan de afstoting van een bepaald object bekend gemaakt worden aan andere musea. Zie www.herplaatsingsdatabase.nl

Een object mag maximaal drie maanden in de herplaatsingsdatabase staan. Als er na deze periode geen interesse is getoond, weet het museum dat er voldoende moeite is gedaan om het object een andere museale bestemming te geven. Het museum zal dan een andere manier moeten vinden om het object af te stoten, bijvoorbeeld door verkoop of vernietiging.

Succesvol afstoten

Een museum heeft de morele verplichting zorgvuldig om te gaan met de objecten in de collectie, ook als ze afgestoten moeten worden. De Ethische code en de Lamo geven hiervoor belangrijke aanwijzingen, zoals:

  • Afstoten kost tijd, vaak meer dan van te voren gerealiseerd wordt. Denk niet alleen aan arbeidsuren, maar ook aan doorlooptijd. Het is raadzaam een zorgvuldige planning te maken en rekening te houden met tegenvallers.
  • Een actieve benadering van musea waarvan u denkt dat ze belangstelling kunnen hebben voor de objecten, is zeer gewenst.
  • Gebruik niet alleen de herplaatsingsdatabase, maar maak het afstoten op verschillende manieren bekend, bijvoorbeeld via organen als Museumberichten.
  • Stel musea die op het betreffende verzamelgebied actief zijn in ieder geval op de hoogte van uw voornemen om af te stoten. Ook als u weet dat ze geen belangstellingen hebben voor de objecten. Bezuinig niet op de registratie en documentatie van de objecten die afgestoten worden. Het is van belang te weten wat het object is, waarom het in de collectie terecht is gekomen, wat de eigendomssituatie is en waarom het niet (meer) in de collectie past.

De belangstelling van andere musea voor objecten kan sterk fluctueren. Gebruik het aantal reacties daarom niet als graadmeter voor het aanbieden van objecten aan collega-musea. Het gaat in de eerste plaats om een principe dat een professioneel museum dient toe te passen bij het afstoten van objecten.