Dynamisch daglicht voor musea

Uit Collectiewijzer

Ga naar: navigatie, zoeken

Voor musea en restauratieateliers is goed licht met de juiste verlichtingssterkte en een optimale kleurweergave belangrijk. Daarom wordt er veel gewerkt met daglicht dat door sheddaken vanuit het noorden binnenvalt. Dat is diffuus en het meest constant. Om het daglicht te regelen kunnen er in het dak voorzieningen worden getroffen, zoals lamellen om de verlichtingssterkte te regelen. Het nieuwe werkgebouw van RMA en ICN waar de ateliers en laboratoria in 2007 naar toe zijn verhuisd, heeft zo’n sheddak.

De kosten van daklichten en sheddaken zijn echter niet gering. Rienk Visser van Grontmij Technical Management in Amersfoort heeft voor musea het concept van dynamische kunstverlichting ontwikkeld. Het systeem maakt gebruik van tl-buizen van verschillende kleurtemperatuur. Door de intensiteit van de lampen onderling te variëren, kunnen kleur en verlichtingssterkte van verschillende daglichtomstandigheden worden nagebootst. De computergestuurde regeling maakt het ook mogelijk om het binnenlicht af te stemmen op het buitenlicht, bijvoorbeeld om somber daglicht bij te kleuren of sterk wisselend daglicht te compenseren en te egaliseren.

In het textielrestauratieatelier van het ICN waar de restauratoren van het RMA gedurende de verbouwing werken, is een proefopstelling met dynamische kunstverlichting gemaakt. De verlichting is gecombineerd met het daglicht van het sheddak. Het kunstlicht reflecteert via de gesloten delen van het dak waardoor de verlichting constant is in kleur en niveau. Het is ook mogelijk het licht van de zaal waarin gerestaureerde objecten uiteindelijk weer tentoongesteld zullen worden, na te bootsen zodat de resultaten van een restauratie bij het juiste licht kunnen worden beoordeeld.

Samen met Agnes Brokerhof van de afdeling Onderzoek werkte Rienk Visser aan het manuscript voor het ‘praktijkdocument museum verlichting’, een uitgave van de Nederlandse Stichting voor Verlichtingskunde (NSVV) die met medewerking van verschillende lichtontwerpers en deskundigen uit musea tot stand werd gebracht. Dit praktijkdocument sluit aan op de vernieuwde richtlijnen voor museumverlichting die het ICN in 2005 heeft gepubliceerd.

Informatie: Agnes Brokerhof

Zie ook ICN-Informatie nr 13 ‘Het beperken van lichtschade aan museale objecten’, en ‘Vondst Grontmij uitkomst voor musea – noorderlicht komt uit tl-buis’, de Ingenieur, 118(8), juni 2006, pg 26-27.